Start


verliefde-jongens.nl (VJ) is online voor homoseksuele jongeren tot en met 26 jaar. (Ook hetero's zijn uiteraard van harte welkom!)

Met onze website willen wij kinderen en jongeren, die ontdekken dat ze eventueel homoseksuele gevoelens hebben, helpen zich een weg te vinden in de verdere ontwikkelingen van hun gevoelens.

Bij ons kun je antwoorden vinden op veel van je vragen die te maken hebben met homoseksualiteit (ook voor ouders en verzorgers). Verder bieden we je de gelegenheid om met leeftijdsgenoten in contact te komen en eventuele ervaringen uit te wisselen. Je komt er achter dat je echt niet alleen bent.

We wensen je veel plezier bij het bezoeken van onze website.


VJ fotopagina 135

27-04-2019 | Er is weer een nieuwe fotopagina online. Op de fotopagina van VJ vind je leuke jongens. Neem snel een kijkje.


‘Maak LHBTI-acceptatie verplicht onderwerp op alle docentenopleidingen’

13-04-2019 | De Tweede Kamer wil dat vaardigheden om LHBTI-acceptatie te bevorderen een verplicht onderwerp worden op alle docentenopleidingen. De Kamer stemde op 9 april voor een motie met die strekking van Kirsten van den Hul (PvdA) en Lisa Westerveld (GroenLinks).

Acht politieke partijen beloofden in COC’s Regenboog Stembusakkoord om te zorgen voor verplichte aandacht op alle docentenopleidingen.

Op dit moment zijn vaardigheden om LHBTI-acceptatie te bevorderen alleen verplicht op pabo’s en tweedegraads docentenopleidingen. Het COC wil dat er ook op eerstegraads docentenopleidingen, universitaire docentenopleidingen (ulo’s) en in bijscholingstrajecten aandacht komt voor dit onderwerp. De Tweede de Kamer sluit zich daar nu bij aan.

Na een jarenlange lobby van het COC zijn lagere- en middelbare scholen sinds 2012 verplicht om LHBTI-acceptatie te bevorderen. Docenten leren in hun opleiding echter niet hoe ze dat het best kunnen aanpakken. Uit onderzoek blijkt dat de kwaliteit van de lessen over dit onderwerp te wensen overlaat. Om daar verbetering in te brengen, pleit het COC voor verplichte aandacht op alle docentenopleidingen.

De motie van PvdA en GroenLinks vraagt de regering om zich in te zetten voor verplichte aandacht op alle opleidingen die hier nu nog niets mee doen. Minister Van Engelshoven (Onderwijs) was daar aanvankelijk tegen, omdat het curriculum van docentenopleidingen volgens haar te vol zou zijn. De Kamer was het daar niet mee eens en stemde dinsdag toch vóór verplichte aandacht op alle docentenopleidingen.

De Kamer stemde op 9 april ook voor een voorstel van GroenLinks en PvdA om in onderzoeken naar veiligheid op school meer aandacht te besteden aan de positie van transgender scholieren en om transgender scholieren beter te ondersteunen. Uit andere onderzoeken blijkt dat transgender jongeren in het algemeen veel vaker slachtoffer zijn van pesten en geweld dan andere jongeren.

Bron: www.coc.nl


VJ fotopagina 134

24-03-2019 | Er is weer een nieuwe fotopagina online. Op de fotopagina van VJ vind je leuke jongens. Neem snel een kijkje.


Duitsland wil verbod op 'genezen' van homoseksualiteit

15-02-2019 | De Duitse regering wil een verbod op omstreden therapieën die claimen dat mensen erdoor van homoseksualiteit worden genezen. "Homoseksualiteit is geen ziekte en daarom is daartegen ook geen therapie nodig", zei minister Jens Spahn van Volksgezondheid tegen de krant Tageszeitung.

De sociaaldemocratische minister van Justitie, Katarina Barley, sloot zich aan bij de woorden van de christendemocraat Spahn. Ze zei dat homoseksualiteit net zo gewoon is als de seksualiteit van hetero's. Ze noemde therapieën tegen homoseksualiteit "in strijd met de menswaardigheid".

Barley zei dat ze met Spahn gaat bespreken hoe het verbod op de therapieën vorm moet krijgen.

Nederlandse jeugdartsen
in Nederland speelt de discussie over zulke 'genezingstherapieën' ook. D66 en de Vereniging van Jeugdartsen pleitten deze week voor onderzoek door het kabinet naar omstreden behandelingen voor jonge homo's.

Mochten die behandelingen zo schadelijk zijn als wordt gedacht, dan behoort een verbod wat D66 betreft tot de mogelijkheden.

Extreme eenzaamheid
Ook jeugdartsen maken zich grote zorgen. Ze wijzen op schadelijke effecten van de therapieën omdat die suggereren dat iemand ziek is. "Dat is niet alleen discriminerend, maar kan ook leiden tot extreme eenzaamheid en verdriet bij jongeren die worstelen met hun geaardheid. Dit is een vorm van kwakzalverij die wettelijk verboden zou moeten worden", zei Jeanne-Marie Hament van de vereniging van jeugdartsen in Nederland.

Bron: www.nos.nl


‘Nashville-verklaring schadelijk voor christelijke LHBT’s’

10-01-2019 | Christelijke LHBT+-organisaties die samen werken in de LCC Plus Projecten* zijn verbijsterd over de Nashville-verklaring en vooral bezorgd over het schadelijk effect er van op christelijke LHBT’s in de kring van de predikanten die de verklaring ondertekend hebben. Zij roepen daarom alle kerkgenootschappen op afstand te nemen van de Nashville-verklaring.

In het eerste weekend van januari zetten 250 orthodox-protestantse predikanten en politici hun handtekening onder de Nederlandse vertaling van de zogenaamde Nashville-verklaring. De verklaring verzet zich tegen een verdere acceptatie van homoseksualiteit en genderidentiteit in de kerken.

Streep door de rekening van proces van dialoog en gesprek
In de afgelopen tien jaar is vanuit de LCC Plus Projecten hard gewerkt aan de sociale acceptatie van LHBT’s in christelijke kring. Met name de christelijke orthodoxie was en is daarin speerpunt van aandacht.

Gert-Jan van Leeuwen, voorzitter van ChristenQueer en van de stuurgroep van de LCC Plus Projecten: “We hebben goede stappen kunnen zetten in de afgelopen jaren. Uitgangspunt is pastorale sensitiviteit en veiligheid voor LHBT’s in hun eigen kerken en gemeenschappen. De verklaring is slechts een opsomming van overtuigingen en lijkt aan de gewonnen ruimte voor LHBT’s volledig voor bij te gaan. Het is eerder een stap terug, die het voortgaande gesprek schaadt.”

De stuurgroep van de LCC Plus Projecten is verbijsterd over de verklaring, maar benadrukt dat het de hand blijft uitstrekken naar kerken en gemeenschappen waarin de thema’s van seksuele oriëntatie en genderidentiteit ingewikkeld liggen.

Zorg over LHBT’s in orthodox-christelijke kring
De grootste zorg van de vertegenwoordigers van de LCC Plus-organisaties ligt bij het effect van de verklaring op LHBT’s in orthodox-christelijke kring.

Kees Goedegebuur, bestuurslid van het LKP en stuurgroepslid: “Jongeren die het al moeilijk hebben met hun gevoelens, zijn niet geholpen met een verklaring als deze. Het jaagt hen eerder de kast weer in. We weten van de ernstige schade van de isolatie waarin zij terechtkomen en van het hoge percentage van LHBT-jongeren in deze kring die denken aan suïcide.”

Zomaar weggaan uit een dergelijke gemeenschap is vaak geen of een moeilijke optie, omdat het ook een breuk met de sociale omgeving kan betekenen.

Oproep aan de kerken
De LCC Plus-organisaties roepen alle kerkgenootschappen op afstand te nemen van de verklaring en zich met de ondertekenende predikanten te onderhouden over deze actie. Een uiterst schadelijke verklaring als deze kan in de kerken zelf niet onweersproken blijven.

*LCC Plus-organisaties – LCC Plus is een alliantie van christelijke LHBT+-organisaties die projecten uitvoeren ten behoeve van de sociale acceptatie van LHBT+-personen in christelijke kring. De organisaties voeren, in verschillende samenstellingen sinds 2008 projecten uit, ondersteund door het ministerie van OCW. Publieksverslagen van de verschillende projectperioden zijn beschikbaar. Meer info: LCCProjecten.nl.

Bron: www.coc.nl


Watch Nederland - Aandacht voor jongensslachtoffers

13-01-2018 | Meisjes hebben hulp nodig, jongens redden zich wel. Dit oude denken maakt dat de focus in Nederland de afgelopen decennia heeft gelegen op de meisjesslachtoffers van gedwongen prostitutie. Gevolg: te weinig kennis over jongens die in handen vallen van een mensenhandelaar en onkunde in hoe we hen kunnen helpen. Tijd voor verandering.

‘Het is heel treurig, maar wat er over jongensprostitutie te vinden was, was gebaseerd op één enkele casus’, vertelt Daniëlle van Went, zorgcoördinator mensenhandel en (jeugd)prostitutie van het expertisecentrum mensenhandel Lumens in Brabant. In opdracht van meerdere partijen doet Van Went onderzoek naar jongensprostitutie in Nederland. Haar missie: de doelgroep in beeld brengen en beoordelen of er in Nederland passend zorgaanbod is voor deze slachtoffers.

Van Went stak het afgelopen jaar veel energie in online contact, via chatboxen en websites gericht op homoseksuelen. Daar liet ze weten wie ze was en dat ze graag in gesprek wilde. Van Went: ‘Ik kreeg heel veel afwijzingen, maar er waren ook jongens die wél wilden praten. En ik kreeg tips: je zou eens op die plek moeten gaan kijken. Dat ben ik gaan doen. Ik ben het hele land afgereisd om gesprekken te voeren en om de aangegeven plekken te bezoeken, van café tot straathoek tot homo-ontmoetingsplekken in het bos.’ Uiteindelijk sprak Van Went zo’n vijftig jongens die zichzelf (gedwongen) prostitueerden. Slechts een fractie van het werkelijke aantal, vermoedt ze. ‘Ik ben bang dat het een heel grote groep is, maar hoe groot weet niemand. Er is nog zo veel onder de oppervlakte, ook vanwege al die taboes die er rondom dit onderwerp spelen (zie kader, red.). Bijna iedere betrokkene is erbij gebaat om deze foute wereld verborgen te houden. Dat vind ik nog het meest enge. Je weet niet tegen wie je het opneemt, omdat iedereen elkaar afschermt. Het is zo schimmig. Ik heb er rondgelopen, op die vieze bosplekken langs tankstations, tussen de condooms en tissues door, over de ingesleten paadjes naar dichte bebossing. En dan zie je daar een man lopen met een jongetje, duidelijk geen vader en zoon. Als je dan gaat rondvragen wordt er alleen maar gelachen. Niemand zegt iets. De slachtoffers zelf zijn ook goed geïnstrueerd. Wanneer je ze vraagt wat ze daar in die bosjes doen, zeggen ze dat ze gewoon een rondje aan het lopen zijn.’

Frank Noteboom van het Centrum tegen Kinderhandel en Mensenhandel wil dit jaar van gedwongen jongensprostitutie een speerpunt maken. Hij noemt hierbij ook de verantwoordelijkheid van de klant als een belangrijke sleutel tot het ontsluiten van kennis. ‘Het gaat vaak ook gewoon om huisvaders die niet in de openbaarheid willen brengen dat ze seks met jongens hebben, zelfs al wéten ze dat er uitbuiting plaatsvindt. Zij willen koste wat het kost dat het uit de openbaarheid blijft. Het is echter belangrijk dat zij deze misstanden gaan melden, bijvoorbeeld anoniem.’

Sugardaddy
Tijdens haar onderzoek naar jongensprostitutie heeft Van Went weinig gemene delers kunnen ontdekken als het gaat om de slachtoffers. ‘Vanuit de literatuur dacht ik altijd dat het vaak om buitenlandse jongens gaat, maar in de praktijk zie ik dat niet terug. Zelfs niet dat ze uit een bepaald milieu komen.’ Ook de manier waarop jongens in de (gedwongen) prostitutie terechtkomen wisselt. ‘Er zijn er die iemand pijpen voor een tientje en een pakje shag’, weet Van Went. ‘Dat doen ze dan een paar keer omdat het makkelijk is en voor ze het weten raken ze verstrikt in de prostitutie. Maar ik hoor ook verhalen van jongens die door hun zogenaamde vriendje in het werk zijn gebracht onder het mom van: samen verdienen we meer. Tja, en dan gaat die “relatie” uit, maar zit zo’n jongen wel midden in een prostitutienetwerk.’

Noteboom noemt ook de sugardaddy-constructies. ‘Jonge jongens die worstelen met hun seksuele identiteit gaan vaak via internet op zoek naar informatie en contacten. Deze jongens worden soms ook gecontacteerd door oudere mannen die hen ‘wegwijs’ maken in het wereldje. Zo’n man neemt dan zo’n jongen onder zijn hoede, isoleert hem, verstrekt in sommige gevallen financiële middelen en leent de jongen, vrijwillig of onvrijwillig, uit aan vrienden dan wel klanten. Dit is niet alleen gericht op geld, maar kan ook gericht zijn op het verhogen van de status van de oudere man binnen de gemeenschap.’
Het is overigens een fabel dat alleen homo- en biseksuele jongens in de prostitutie zitten, benadrukt Noteboom. ‘Het gaat ook vaak genoeg om heterojongens die bijvoorbeeld onder druk worden gezet met seksueel expliciet materiaal of in de schulden zitten en/of verslaafd zijn. Denk bijvoorbeeld aan jongeren die dak- en thuisloos zijn, een groeiende groep in Nederland. Hoe komen zij aan hun geld? En de transgenders. Bij uitstek een groep die te maken heeft met dwang en geweld en waar nog heel weinig over bekend is, terwijl we weten dat ze actief zijn in legale en illegale prostitutie.’

De enige gemene deler die Van Went ontdekte is meteen een heel schokkende: de leeftijd van de jongens. Schrikbarend jong. Van Went: ‘Als ik online zo’n chat binnenstap, krijg ik bijna onmiddellijk de vraag hoe oud ik ze wil hebben. “Ik kan leveren van tien tot zeventien jaar”, wordt er dan gezegd. Er zijn dus mensen die toegang hebben tot deze jonge kinderen. En er is een markt voor: “Papa zoekt zoon” lees ik in de online advertentieteksten. Ik heb jongens van dertien, veertien jaar gesproken die seks moesten hebben met volwassen mannen. Niemand zei ooit tegen hen dat ze te jong waren. Het is treurig dat zo weinig mensen hun verantwoordelijkheid nemen.’

Dreiging en geweld
Uit het wereldje van jongensprostitutie stappen is lastig, zeggen Noteboom en Van Went. Noteboom: ‘We weten dat dit fenomeen met veel dreiging gepaard kan gaan, bijvoorbeeld door ze te chanteren met seksueel expliciet materiaal.’ Een ander groot probleem is dat veel jongens zichzelf niet als slachtoffer zien. Van Went: ‘Het wereldje is klein, iedereen kent elkaar. Er is altijd controle, van alle kanten. Maar de slachtoffers zelf zeggen ook – en dat vind ik nog het meest schrijnend: wie ziet ons nu als slachtoffer? Meisjes zijn slachtoffers, jongens niet. Ze voelen zich niet erkend, denken dat niemand zich om hen bekommert. Daarnaast geven ze zichzelf vaak de schuld van de situatie, omdat ze in eerste instantie meestal zelf hebben toegestemd. Alles bij elkaar maakt dat ze niet met hun verhaal naar buiten komen. Ze leven in een verborgen wereld, psychisch hebben ze het enorm zwaar. Ze zijn bang, schamen zich, gaan twijfelen aan hun eigen geaardheid en gebruiken in veel gevallen drugs om hun ‘werk’ te kunnen doen: “Ik neem het middel in en ga op mijn buik liggen tot het klaar is” – hoe vaak ik dat niet gehoord heb… Het geld dat ze verdienen hebben ze weer nodig om nieuwe drugs te kopen; ook weer zo’n vicieuze cirkel waar ze maar moeilijk uit komen.’ Sommige jongens weten eruit te komen door zelf te gaan ronselen, vertelt de onderzoekster, anderen die ermee stoppen worden ernstig bedreigd en vaak nog tijdenlang benaderd.

Maar het ligt niet alleen bij de jongens zelf. Ook de hulpverlening hapert. Van Went: ‘Nu hoor ik nog vaak: “Ik meld me en dan?” Er gebeurt te weinig. Het ontbreekt ons in Nederland aan een laagdrempelig en effectief hulpaanbod voor deze jongens. Pas als we dat hebben, zullen deze jongens zich gaan melden.’ ‘We moeten kennis en expertise rondom deze groep slachtoffers ontwikkelen’, beaamt Noteboom. ‘Met een kopie van de aanpak van loverboyproblematiek bij meiden ben je er niet. Het gaat hier om een heel andere groep, met eigen problemen en noden. We moeten een andere bril opzetten, ook richting de jongens zelf. We dichten ze nu nog veel te veel empowerment toe. Het wordt tijd dat we ze gaan zien als jongens die hulp nodig hebben, als slachtoffers.’

‘Een andere bril én een andere aanpak’, zegt Van Went: ‘Hulpverleners moeten het veld in. Van die stoel af en gáán. Anders bereik je deze jongens niet. Online moet je weten waar te zijn, want daar worden de seksafspraken veelal gemaakt, maar de uiteindelijke seks wordt in de werkelijke wereld bedreven. We moeten op zoek naar de plekken waar de uitbuiting plaatsvindt, zoals homo-ontmoetingsplekken, bosplekken langs tankstations en noem maar op. Als hulpverlener moet je contact maken met slachtoffers. Jongens die uit dit wereldje willen stappen, moeten kunnen praten met iemand die kennis van zaken heeft. Iemand die hen beschermt. En ja, die benadering kost tijd. Voordat je überhaupt het vertrouwen hebt gewonnen van zo’n jongen ben je een halfjaar verder. Het geldt hier op alle fronten: als we een verandering teweeg willen brengen, moeten we investeren, investeren, investeren.’

Jongensprostitutie: omgeven door taboes
Gedwongen jongensprostitutie is omgeven door een mix van grote taboes. Deze taboes zorgen ervoor dat slechts weinigen (zowel slachtoffers als klanten) erover durven te praten:

– Homoseksualiteit
– Slachtofferschap jongens
– Seks voor geld
– Als heterojongen seks hebben met mannen
– Als huisvader seks hebben met jongens
– Perversiteit bekend binnen deze scene (vastbinden, groepsseks, seks met dieren)
– Slachtoffers met islamitische achtergrond, cultuurtaboe

Meer informatie en bron: www.watchnederland.nl


Landelijke campagne moet taboe op depressie wegnemen

29-09-2016 | Maar liefst 1 op de 20 Nederlanders worstelen elk jaar met een depressie. Het is in Nederland de meest voorkomende reden voor ziekteverzuim. Toch is depressie niet of nauwelijks een onderwerp van gesprek. Mensen weten er weinig van, vinden het lastig om er op te reageren en weten niet hoe ze iemand met een depressie kunnen helpen. Dat moet anders. Daarom start minister Edith Schippers (VWS) morgen een landelijke publiekscampagne om depressie bespreekbaar te maken en de kennis erover te vergroten. Morgen geeft Schippers samen met de voorzitter van de Mental Health Foundation, Bram Bakker en met medewerking van Mike Boddé in Bussum het officiële startsein. De campagne zal meerdere jaren duren.

Minister Edith Schippers: “We willen en moeten mensen met een depressie helpen. Maar veel mensen herkennen een depressie niet. Bij zichzelf niet en ook niet bij een ander. Over psychische problemen praten is voor veel mensen ook moeilijk. Terwijl dat cruciaal is. En het is vaak de eerste stap naar hulp”.

Doelgroep
De campagne die onder meer samen met de Mental Health Foundation is ontwikkeld, richt zich op het algemene publiek. Dit gebeurt door middel van landelijke tv-spotjes en acties op social media met de slogan ‘Herken de signalen en praat erover’. Daarnaast focust de campagne in het eerste jaar nadrukkelijk op jongeren (13-18 jaar) en jonge vrouwen (18-35 jaar). De statistieken laten namelijk zien dat jongeren en (jonge) vrouwen tot de groepen behoren waarbij depressies veel vaker voor komen.

Website
Op de website www.omgaanmetdepressie.nl kunnen mensen meer informatie over depressie en de campagne vinden. Ook kan men daar terecht voor tips om depressie te voorkomen. Voor meer specifieke (hulp)vragen over depressie kan men contact opnemen met organisaties die bij de website zijn aangesloten.

Bron: rijksoverheid.nl


wat is sexting?

17-02-2016 | Sexting is een begrip dat nog niet zo lang gebruikt wordt. De term sexting is een combinatie van de Engelse woorden 'sex' (seks) en 'texting' (sms'jes verzenden). Sexting is het verzenden (en ontvangen) van seksueel getinte beelden of tekstberichten door middel van een mobiele telefoon of internetapplicaties zoals WhatsApp, Facebook, YouTube, Instagram en Twitter. De risico's van sexting zijn letterlijk grenzeloos.

Sexting is spannend, leuk en gevaarlijk tegelijk
Als sexting beelden door anderen verspreid worden zijn de gevolgen niet te overzien. Precies op dit punt ontstaat de problematiek rondom sexting. Zolang de beelden binnen een gelijkwaardige relatie uitgewisseld worden en daar blijven, lopen verzender en ontvanger weinig risico en kan het zelfs ervaren worden als een meerwaarde voor de relatie. Het wordt een ander verhaal als die sexy foto of dat pikante filmpje van jou door anderen verspreid wordt via social media. Waarschijnlijk is dit beeldmateriaal in vertrouwen verstuurd en zonder toestemming openbaar gemaakt. Degene die te zien is op de sexting beelden verliest er de controle over. Dit kan grote gevolgen hebben. Denk maar aan (cyber)pesten, ernstig persoonlijk leed, schooluitval, schaamte, problemen bij het vinden van een baan, angst, onzekerheid en in sommige gevallen neiging tot zelfdoding. Daarnaast verkeer je als geportretteerde in een chantabele positie wat je nog kwetsbaarder maakt.

Versturen en verspreiden van sexting beelden
Voordat we massaal gebruik maakten van smartphones, werden vooral seksueel getinte tekstberichtjes verstuurd. Maar nu in 2014 zijn sexy foto's of filmpjes vaak onderdeel van sexting. De opkomst van de smartphone maakt het makkelijk om sexy beelden te verzenden en ontvangen. Naast de smartphone worden computers en laptops ook vaak gebruikt, om sexy beelden te maken en te versturen. Dat versturen gaat dan via allerlei internetapplicaties (apps). Een voorbeeld van internetapplicaties die gebruikt worden zijn smartphone apps zoals WhatsApp, Ping en Tinder of sociale netwerksites zoals Facebook, YouTube, Instagram en Twitter. Ook het hebben van 'virtuele seks' via bijvoorbeeld Skype valt onder de term sexting. Deze optelsom kan samengevat worden onder de term social media, wat een verzamelnaam is voor internettoepassingen waarmee informatie uitgewisseld kan worden.

Jongeren en social media
Social media is erg belangrijk voor jongeren. Zo benoemt Prof. Dr. Leo Van Audenhove, Directeur Mediawijs.be, het belang van social media voor jongeren. Via social media communiceren ze, kunnen ze zich op een creatieve wijze uitdrukken en ontwikkelen ze hiermee een eigen online- en offline- identiteit. 'Het heeft weinig zin hier een verbiedende houding aan te nemen. Omgaan met sociale media leert jongeren immers op een speelse wijze omspringen met media in de brede zin van het woord. Bovendien werken ze op deze manier aan ruimere computer- en mediacompetenties die ze nodig hebben in hun opleiding, hun beroepstraject en hun sociale leven' (Walrave & Van Ouytsel, 2014, p.6). Begeleiding van jongeren door docenten, ouders, jeugdwerkers en andere opvoeders bij het ontdekken en gebruiken van social media is belangrijk. Zij hebben een belangrijke taak om jongeren mediawijs te maken.

Bron: www.onuitwisbaar.nu